De Auto

Ik heb héél lang geleden mijn roze papiertje gekregen, en volgens mij was het geen papier maar linnen, en toen kreeg ik niet lang daarna mijn eerste auto. Iemand in mijn familie had een schoonvader die een andere auto kocht en ik mocht zijn oude, behoorlijk rammelende voiture wel hebben. Het was een matgrijze Simca 1100 uit het stenen tijdperk waar de bestuurdersstoel los in stond, en dat was niet het enige wat los zat. Maar als je de sleutel omdraaide kwam het vehikel hoestend en proestend tot leven en van een APK-keuring had nog niemand gehoord, en dus was onderhoud ook niet nodig. Erg lang heeft die auto niet geleefd want ik verloor tijdens het rijden regelmatig onderdelen, en na een aanhouding op de Amsterdamse Overtoom vond een agent dat het niet zo zinvol was dat ik een veiligheidsriem om had terwijl de stoel niet vast zat.

“De Auto” verder lezen

De orde van de dag

Ik was dus inderdaad een beetje voorbarig bezig met het uitzoeken van een nieuwe leasemobiel, want inmiddels heb ik te horen gekregen dat mijn auto weliswaar redelijk geraakt is maar nog wel wordt hersteld. En dat schijnt nog best een redelijke klus te zijn want er wordt al aan gewerkt en als alles goed gaat moet de Mondeo aan het einde van de volgende week weer zo goed als nieuw zijn, de achterkant tenminste. En dus kunnen wij wat auto’s betreft weer over tot de orde van de dag, wat dat dan ook mag zijn want iedere dag is anders en weer een verrassing en heeft daardoor een andere orde.

In ieder geval is een groot deel van die dagelijkse orde iets wat men werken noemt, en wat dat betreft is het de laatste tijd wel behoorlijk druk. Ik schrijf hier nooit iets over mijn werk, hoofdzakelijk omdat ik zelf zoveel mogelijk probeer een duidelijke scheiding te houden tussen werk en privé. En mijn weblog beschouw ik als een plek waar ik voor mijn plezier het een en ander schrijf en wat helemaal niets met mijn werk te maken heeft. Maar in de praktijk kan je zakelijk gezien last krijgen van de dingen die hier te lezen zijn, en als het even tegenzit zelfs meer dan last.

Ik kan hier dus niet schrijven dat ik er lol in heb om tijdens het hardlopen, gekleed in niet meer dan een regenjas en een paar sportschoenen, mijn jas open te slaan als ik een bejaarde dame op een fiets tegenkom. Die bejaarde dame zou misschien in een deuk liggen of zwaar onder de indruk zijn van mijn gespierde lichaam (ik hoop het laatste), maar mijn collega’s en zakelijke relaties zouden mij niet meer zo serieus nemen en dat zou mijn positie dan wel eens redelijk lastig kunnen maken. En dan is het best wel eens moeilijk om de grens te bepalen tussen wat je wel en niet kunt schrijven, en tussen wat nog wel en niet meer als privé wordt beschouwd, vooral ook omdat niet iedereen daar hetzelfde over denkt.

Zo ben ik ooit een keer in het TV-programma ‘Blik op de Weg’ te gast geweest, al waren er maar weinigen die mij in dat programma hebben gezien aangezien ik als een vage blauwe schicht door het beeld bewoog. Maar het was mijn auto en ik reed inderdaad redelijk te hard, en daarbij nam ik ook nog eens zo onverwacht en met redelijke snelheid de afslag naar huis dat de achtervolgende camera mij kwijt was. Ik kon daar zelf wel om lachen en ook mijn collega’s en klanten, aan wie ik het vertelde, vonden het wel grappig na het op ‘Uitzending Gemist’ te hebben gezien. Maar wie schetst mijn verbazing toen ik een paar dagen later op kantoor te horen kreeg dat het maar goed was dat ik niet was aangehouden en in beeld was geweest, want dan hadden er wel eens maatregelen genomen kunnen worden. In mijn positie kan ik mij namelijk niet veroorloven dat ik op TV kom in zo’n programma want wat hadden onze klanten wel niet van mij moeten denken, en nog meer van dat geneuzel. Ook al omdat ik sprakeloos was heb ik er maar niet op gereageerd. Er lopen op mijn werk dus rare snuiters rond, zoals overal, die zich om wat voor reden ook erg belangrijk vinden en daarin enorm kunnen doorslaan.

En dus schrijf ik vooral niet over werk-gerelateerde zaken, net zo min als ik te uitgebreid schrijf over mijn belevenissen tijdens het hardlopen (in regenjas dan wel andere kledij), maar er blijven genoeg andere leuke dingen over om over te schrijven. Zoals mijn volgende auto waar ik ongetwijfeld ook weer te hard mee kan rijden.

Kleine Hoekjes

Ik probeer altijd uit de kleine hoekjes weg te blijven, en dat is wel eens anders geweest want vroeger bestonden er gewoon geen kleine hoekjes. Als ik achter het stuur van een auto stapte kreeg ik altijd een bepaald gevoel van onkwetsbaarheid, en naarmate de jaren vorderden en er ook inderdaad nooit iets gebeurde werd dat gevoel van onkwetsbaarheid alleen maar sterker.

En dus was een ritje met mij achter het stuur altijd een feest, niet alleen voor mij maar ook voor sommige van mijn passagiers die het leuk vonden als het mij lukte om iemand aan het huilen te krijgen. Leedvermaak kan een hilarische vorm van vermaak zijn, en als dat gepaard kon gaan met vol gas en vol onderstuur een hoek om te gaan was dat alleen maar nog leuker.

Ik ben wel wat rustiger geworden, achter het stuur van een auto tenminste, al blijft het toch wel een beetje leuk om in de sneeuw een bocht te nemen met de handrem aangetrokken. Maar met 160 km/uur over een drukke snelweg rijden en daarbij de andere vierwielige hindernissen rechts en links passeren is er niet meer bij. Maar zelfs als je redelijk normaal rijdt kan er in die kleine hoekjes nog altijd enig onheil schuilen.IMG00010-20110120-0936

Vanochtend kwam er een tank uit een klein hoekje. Ik reed zo rond 6.15 uur op de A1 tussen Kootwijk en Barneveld en bleef keurig op een meter of 10 afstand van mijn voorganger op de linkerbaan rijden toen er voor mij plotseling een behoorlijke hoeveelheid remlichten aan floepten. En toen ik een hele rits auto’s vreemde bewegingen zag maken wist ik dat ik echt op mijn rem moest gaan staan, en instinctief stuurde ik naar links en zo dicht mogelijk naar de vangrail. Met een zucht van verlichting kwam ik tot stilstand zonder iemand geraakt te hebben, maar dat gold niet voor de tank die achter mij reed en met een enorm klap hield mijn Mondeo dat ding, een Land Rover Defender, tegen. IMG00013-20110120-0938

Je snapt niet dat zo’n grote auto in een klein hoekje past en er zo plotseling uit tevoorschijn kan komen, en nog vreemder is het om te zien dat een Mondeo fors kan worden verfrommeld zonder dat de tegenpartij een krasje op de bumper heeft. Maar dankzij die verfrommelde kreukelzones werd er wel zoveel energie geabsorbeerd dat ik zelf geen schrammetje of deukje heb, zelfs niet in mijn ego. En nu maar afwachten of de Mondeo nog te ontfrommelen is of dat ik een nieuwe auto moet gaan bestellen.

Mislukt

Mijn recordpoging is mislukt. Al meer dan twee jaar ben ik daar druk mee geweest en heb ik commentaar van mijn collega’s moeten trotseren en negeren, maar ik was volledig gemotiveerd om mijn recordpoging te doen slagen. Ik had nog maar een jaar te gaan en ik had het moeilijkste deel al achter de rug en was al over de helft.

Zaterdag is autowasdag. Een groot deel van de Nederlandse mannen stond vroeger met zijn emmertje sop en een speciale spons reeds vroeg op de klaar om hun trots weer te laten glimmen. In huis stofzuigen was over het algemeen teveel gevraagd, maar aan moeder de vrouw vragen of de stofzuiger ook even gebruikt mocht worden om de auto bewoonbaar te maken was geen probleem. En als de buitenkant van de auto weer glom was ook de binnenkant aan de beurt, want de auto moest aan de binnenkant natuurlijk wel als nieuw ruiken. Er werden zelfs spuitbussen met nieuwe autogeur verkocht.

Tegenwoordig staat de gemiddelde Nederlandse man iedere zaterdag in de file voor de wasstraat, want helaas mag je vanwege het milieu niet meer overal zomaar de auto wassen. Al dat vuil wat van die auto afspoelt is natuurlijk enorm slecht voor onze leefomgeving, ook al is het over het algemeen vuil wat afkomstig is van onze leefomgeving. Maar hoe dan ook, die auto moet glimmen.

Ik doe daar dus niet aan mee en sta niet in de rij voor de wasstraat en was druk bezig met de recordpoging ‘was vooral niet iedere zaterdag de auto’. En om te voorkomen dat de buurt zou denken dat ik de auto toch had gewassen als zij net even bij Albert Heijn rondliepen, ging ik helemaal niet naar de wasstraat. En dat had ik dus al een jaar of twee volgehouden. Tot gisteren.

Gisteren was het tijd voor een onderhoudsbeurt, een 120.000 km-beurt om precies te zijn. En natuurlijk haal ik dan van tevoren wel even alle lege blikjes en flesjes uit de auto, maar aangezien ze toch alleen maar onder de motorkap hoeven zijn blijft het daar dan ook bij. Toen ik aan het einde van de dag mijn auto weer ophaalde vertelde de persoon achter de balie van de Ford-dealer vol trots dat zij de auto ook maar gewassen hadden. Ik heb hem maar niet verteld dat hij daarmee mijn recordpoging de grond in had geboord, en al helemaal niet dat ik nu het risico liep dat de buurt mij niet meer serieus zou nemen.

Want nu staat mijn ruim 2 jaar oude Ford Mondeo weer glimmend voor de deur, net alsof ik hem vanochtend door de wasstraat heb gereden. En aangezien wij vanochtend een paar uur weg zijn geweest zouden de buren dat best eens kunnen denken. Ik hoop maar dat zij weten dat wij in het weekend nooit in mijn auto rijden.

Kwaad

Volgens mij word ik niet zo heel snel kwaad en als het al eens gebeurt dan ga ik ook nooit echt door het lint. Vandaag werd ik dus kwaad en dat lint heeft het ook niet overleefd.

Ik heb, net als veel van mijn medelanders, op veel plaatsen in het land mijn vaste parkeerplekje. Thuis heb ik zo mijn voorkeur voor een bepaalde plek, al is het maar omdat ik dan niet hoef na te denken en op zoek moet naar mijn auto als ik net wakker ben. En ook op kantoor en op veel andere plaatsen waar ik in het land mijn geld verdien heb ik zo mijn favoriete plekje, en dat is over het algemeen een plek zo dicht mogelijk bij de deur zodat ik niet nat word als ik van en naar mijn auto moet lopen. En het zorgt er ook voor dat ik aan het einde van de werkdag niet na hoef te denken als ik naar buiten loop, en dat doe ik ook vaak met de telefoon aan mijn oor en dan valt nadenken al helemaal niet mee.

Sinds een paar weken heb ik op de parkeerplaats bij kantoor een nieuw favoriet plekje uitgekozen, en dat kan ook makkelijk omdat ik altijd als eerste voor de deur sta. En eigenlijk heb ik er niet echt bewust voor gekozen om een nieuw plekje te gaan gebruiken, zelfs dat gaat dan waarschijnlijk zonder echt na te denken want ik kan mij eerlijk gezegd niet herinneren waarom ik die beslissing heb genomen. Maar omdat het nieuwe plekje nog redelijk pril is gaat het dus wel eens mis, vandaag tenminste wel.

Ik liep vandaag een beetje in gedachten de deur van het kantoor uit en sloeg linksaf en vervolgens nog een keer linksaf, passeerde de Volvo C30 van een collega die ook altijd op zijn favoriete plekje staat en stopte bij mijn donkerblauwe Ford Mondeo. Ik stond daar een paar keer op het knopje van mijn afstandsbediening te drukken en begon mij al redelijk te ergeren aan het feit dat mijn deur niet van het slot wilde gaan. Inmiddels had ik ook mijn blikje Cola light op het dak gezet om mijn handen vrij te hebben om dan maar de deur op de ouderwetse manier te openen toen mijn oog op mijn achterdeur viel.

De één of andere sukkel had dus kans gezien om bij het in- dan wel uitparkeren mijn auto flink te beschadigen en er liepen een paar behoorlijk diepe krassen over mijn deur en het achterspatbord. Ik keek meteen naar mijn ruitenwisser in de hoop daar een briefje aan te treffen maar dat was tevergeefs. En terwijl ik daar stond te vloeken en tieren, en probeerde te bedenken hoe ik er achter zou kunnen komen wie er in de loop van de dag op kantoor was gekomen en inmiddels alweer was vertrokken, stond ik tegelijkertijd te bedenken wat dit mij ging kosten en hoe ik daar onderuit kon komen.

Ik stopte mijn sleutel in mijn zak en pakte al tierend mijn blikje Cola weer van het dak, vastbesloten om terug naar binnen te gaan om mijn collega achter de receptie aan een verhoor te onderwerpen in de hoop dat zij mij aan de naam van de onverlaat kon helpen. En terwijl ik de eerste stap weg van de auto nam viel mijn oog op de trekhaak. Huh……trekhaak? Ik heb toch helemaal geen trekhaak?  Maar het is wel mijn auto…..toch? Want er heeft niemand van mijn collega’s een donkerblauwe Mondeo hatchback……toch? Het vloeken en tieren werd inmiddels al een heel stuk minder. En net toen ik nog een stap wilde nemen om het kenteken aan een diepgaand onderzoek te onderwerpen herinnerde ik mij het vorige favoriete plekje, waar ik vanochtend vroeg mijn auto al spastisch met de muziek meebewegend had neergezet. En als ik spastisch beweeg doen mijn hersenen dus volop mee en functioneren waarschijnlijk niet meer zoals ik gewend ben.

Maar toen ik eenmaal om het pand heen was gelopen en bij mijn donkerblauwe Mondeo was aangekomen heb ik hem voor de zekerheid toch even van alle kanten bekeken om er zeker van te zijn dat hij niet beschadigd was. Je weet het maar nooit.