Heimwee

Op 15 maart 2009 schreef ik hier iets over heimwee, verschillende soorten heimwee. Inmiddels zijn wij meer dan 6 jaar verder en het is vreemd te merken dat die heimwee heel langzaam sterker blijft worden. Alsof er een grote elektromagneet ergens op de Dam in Amsterdam staat waarvan iemand heel stiekem iedere keer dat knopje een stukje verder naar rechts draait. De sukkel.

“Heimwee” verder lezen

Sociale Druk

Er heeft altijd al zoiets bestaan als sociale druk, ook al had ik er eerlijk gezegd nog niet vaak iemand over gehoord. En ik heb er dan zelf ook nooit zoveel last van gehad, maar ik ben dan ook opgegroeid in een tijd waarin je alleen te maken had met het kringetje van klas- en buurtgenoten en familie en buren om je heen. De rest van de wereld was alleen te bereiken per telefoon of brief en die rest van de wereld had geen idee wat je de hele dag deed.

“Sociale Druk” verder lezen

Blijheid

Volgens mij begin ik inmiddels iets te snappen van de Terschellinger Blijheid waar ik het een tijdje geleden over had, alleen heeft het dan in mijn geval niets met Terschelling te maken. Maar ik denk dat ik toch wel iets van het gevoel begin te begrijpen. Het heeft gewoon iets te maken met iets waar iemand zich enorm op verheugt, en als die verheugelijkheid een bepaalde grens overschrijdt dan is er maar weinig waardoor er de kans bestaat dat je humeur verandert van een tropisch strand met palmbomen in een Hollandse februaridepressie. “Blijheid” verder lezen

Vorderingen

De laatste paar maanden maak ik vorderingen. En niet alleen ik maar de hele groep. En als ik had geweten dat hardlopen in een groep zo leuk zou zijn dan was ik er veel eerder mee begonnen.

Wij lopen al een paar jaar hard, of wij doen ons best om te proberen hard te lopen. En over het algemeen doen wij dat samen, al liep ik vooral in de wintermaanden vaak alleen. Dat had iets met motivatie en het weer te maken. En op zich vind ik alleen lopen helemaal niet zo vervelend, vooral niet met een lekker muziekje op mijn hoofd. Maar inmiddels weet ik dat het met anderen in een groepje lopen best motiverend is, en als je lol maakt onderweg loopt het ook nog eens veel gemakkelijker. “Vorderingen” verder lezen

Ontheemd

Ik heb mijzelf heel lang ontheemd gevoeld, een thuisloze.  Gedeeltelijk tenminste want een thuisloze is vaak ook een eenzame en eenzaam ben ik nooit geweest. En natuurlijk had ik wel een thuis als in iets warms tussen vier muren met een dak erop waar ik niet eenzaam was, maar ik was gewoon heel lang een beetje mijn wortels kwijt. Zonder dat te weten. “Ontheemd” verder lezen

Amsterdam

Wij zijn weer een weekend naar Amsterdam geweest. Gewoon leuke dingen gedaan en dat houdt voor mij niet meer in dan een beetje hier en daar naartoe en net doen alsof ik, alsof wij er thuis zijn. En ik ben er nog altijd niet uit of het helpt om heimwee te bestrijden of dat het de heimwee juist voedt, dus de waarheid zal wel ergens in het midden liggen.

Ik moet gewoon af en toe door mijn stad dwalen, alleen maar rondkijken, herinneringen voelen en proeven, herinneringen herontdekken. En Josje dwaalt met mij mee, leert daardoor nog meer kanten van mij kennen, neemt Amsterdam in zich op en wordt door Amsterdam opgenomen.

Ons hotel stond vlakbij Nieuw-Sloten en daar fietste ik in mijn jonge jaren doorheen op ChristoffelPlantijn1weg naar de verschillende sportparken, toen daar nog geen nieuwbouwwijk stond maar niets dan kassen van tuinbouwbedrijven. En het is dan ook leuk om het oude fietspad terug te vinden wat nu dwars door een aangelegd park loopt, niet meer zo recht als vroeger en misschien ook niet op exact dezelfde plek maar het bestaat nog wel. De tram via de Heemstedestraat, Hoofddorpplein, Zeilstraat en Koninginneweg stopte bij de Emmastraat en toen wilde ik eruit, het Vondelpark in.

Ik ben vlakbij het Vondelpark geboren. Het is de plek waar je als kind de eendjes brood geeft en in het gras kan spelen. En als ik er nu in de buurt ben dan moet ik er even doorheen lopen, langs het Blauwe Theehuis waar je het hele jaar buiten kunt zitten met een kop koffie en iets lekkers, zelfs als dat in de rest van het land niet kan. En als wij er nu samen doorheen lopen dan bekijken wij de huizen vast die op het Vondelpark uitkijken, voor later want je weet nooit…..

Ergens tussen het Vondelpark en de Weteringschans is het dan tijd voor koffie en thee op het Max Euweplein bij Café Max, waar op een gegeven ogenblik iemand binnen komt lopen die iets kwijt moet. ‘Ik word papa’, roept hij enthousiast door de zaak. De man aan de andere kant van de toonbank antwoord droog: ‘Dat is mooi, maar wil je ook nog iets bestellen’. Maar de stuiterende aspirant-pappa is nog niet aan koffie toe, wil alleen maar praten. En terwijl Josje hem feliciteert kan ik het niet laten om hem te vragen: ‘Sinds wanneer? Sinds gisterenavond?’ Bijna-papa is zo vol van het gebeuren dat hij de mop niet herkent en gewoon antwoord geeft: ‘Nee, sinds vanochtend….dat blauwe plusje net. Maar wij hangen het nog niet aan de grote klok hoor’. En mijn heimwee krijgt honger……

Wij lopen verder, slenteren over de grachten en door de 9 straatjes en kletsen over van alles, maar waarschijnlijk klets ik het meest over mijn oude voetstappen terwijl ik ze probeer terug te vinden en komen op de Singel bij een opticien terecht waar Josje haar kerstcadeau vindt. En terwijl zij bijna ongemerkt van opticien verandert zit ik op een krukje over de Singel naar de langslopers en -fietsers te kijken, en vraag mij af wat een huis op de Singel zou kosten. Honger is een knagend gevoel.

Na de lunch in ‘Die Port van Cleve’ en nog meer geslenter en Sinterklaasinkopen loopt de Kalverstraat vol. Een door een verbouwing veroorzaakte versmalling zorgt voor een opstopping van Koninginnedagformaat en een volgende confrontatie. Terwijl wij staan te wachten tot er weer beweging in de meute komt merk ik dat de persoon naast mij met een nogal vreemde blik in zijn ogen mij staat aan te staren. En dus kijk ik terug, niet langer dan een minuut of zo. Hij ziet er niet uit alsof hij alles echt op een rijtje heeft en dat maakt het leuk, en dus stel ik na die minuut de simpele vraag: ‘Eh, Ja?’. Dat heeft tot gevolg dat Josje denkt dat wij elkaar zullen aanvliegen omdat hij nogal agressief reageert. Ik blijf rustig en geef gewoon rare antwoorden, maar doe wel mijn best om niet al te rare antwoorden te geven. Je weet maar nooit en ik ben niet alleen. Hij laat ons gaan, en dat is maar goed ook want ik heb nog steeds trek. Daar is gedeeltelijk iets aan te doen met een ijsje van Van de Linden op de Nieuwendijk.

Wij besluiten naar de bioscoop te gaan en aangezien de film ‘Mannenharten’ in Amsterdam speelt heb ik geen bezwaar. Ik rijd op de fiets met de als eland verkleedde hoofdrolspeler mee door de stad, zie alleen de beelden en volg het verhaal niet echt, wil ook een glazen huisje op het dak van een grachtenpand met uitzicht op de Westertoren en krijg echt honger. Maar nu ook in eten. En wij eten Italiaans op het Thorbeckeplein in een restaurant waar tenminste ook Italianen werken waarmee je tenminste Italiaans kunt praten. In Amsterdam, zoals het hoort. Mijn Italiaans levert ons in ieder geval een extra grote portie Tiramisu op, dus het is toch nog ergens goed voor.

En na het eten slenteren wij weer over de grachten kijken bij de in de grachtenpanden wonende mensen naar binnen. Af en toe blijf ik staan, wil even niet verder lopen of misschien nog even een stukje terug, kruizen de Vijzelstraat en komen weer in de Leidsestraat waar de tram komt die ons terugbrengt naar ons hotel in Nieuw-Sloten. Bij het Christoffel Plantijnpad waar ik bijna 50 jaar geleden, fietsend met wind tegen en mijn voetbaltas achterop nog niet wist wat honger was. Leuk dat ik er nog steeds zou kunnen fietsen, als ik van fietsen hield. Mijn honger is weer gestild.

Ik word een boer

Buiten de grote stad wonen boeren, dat weet iedereen. En toen ik in mijn jeugd tegen een team van buiten Amsterdam moest spelen dan verheugden wij ons er al bij voorbaat op om die boeren even een lesje te leren. Overigens vonden wij dan wel dat alleen Amsterdammers het recht hadden om alles van buiten de stadsgrenzen boers te noemen, en het was natuurlijk zielig als Hagenezen en Utrechters dat ook deden…..laat staan Rotterdammers.

Hoe het voelt om voor boer te worden uitgemaakt mocht ik ondervinden toen ik Amsterdam inruilde voor Almere en een jaar daarna ook in Almere ging voetballen, en ik tijdens de eerste wedstrijd tegen een elftal uit Amsterdam voor boer werd uitgescholden. Dat leverde de dader een doodschop op, want wij ex-Amsterdammers lieten ons natuurlijk niet, als echte boeren, straffeloos voor boer uitmaken. En zo ontaarde bijna iedere voetbalwedstrijd in een nogal stevige scheld- en schoppartij.

Er zijn inmiddels een aantal jaar verstreken en ik voel mij nog altijd geen boer, maar nog steeds een Amsterdammer. Ik woon er dan al een tijdje niet meer, en ik ben na Almere nog een redelijk eind verder naar het oosten verhuisd, maar ik voel mij nog altijd ‘thuis’ als ik mijn geboorteplaats binnenrijd. En toch betrap ik mij er op dat ik mij toch wel een beetje als een boer begin te gedragen. Zo is daar de overbuurman.

Iedere ochtend om 6 uur vertrekt de overbuurman naar zijn werk, dat neem ik tenminste aan. En dat doet hij door achteruit rijdend zijn garage te verlaten met een nogal op hoge toeren lopende sportwagen. En iedereen weet dat een auto het meeste lawaai produceert aan de achterzijde, en dus worden wij iedere morgen rond 6 uur wakker van het irritante gejank en geraas van een sportwagen. Hij zou dat ding ook achteruit in zijn garage kunnen zetten, maar waarschijnlijk kan hij, net als de meeste niet in een stad gewend zijnde boeren, niet achteruit inparkeren. En wij waren dan ook heel verheugd toen er ergens in de loop van vorig jaar een ‘Te Koop’-bord in zijn tuin verscheen. En de huizenmarkt is dan wel niet op zijn best, het zou hem toch wel lukken om op korte termijn zijn huis te verkopen…..hoopten wij. Een paar maanden geleden was het bord uit de tuin en hoorden wij ook de auto niet meer, maar zagen wij verder ook niemand in dat huis. Het speculeren begon. Waar zou hij gebleven zijn? Het huis bleek nog altijd op Funda te staan, dus zou hij dan al zijn verhuisd terwijl dit huis nog niet verkocht was? En dus kon ik het niet laten om tijdens het hardlopen eens goed naar binnen te kijken…..om te concluderen dat alles er nog stond. Hij zou toch niet ergens met een gebroken been in de badkamer liggen, en inmiddels van honger omgekomen? Zouden wij dan toch niet aanbellen? Of door de brievenbus gluren om te zien of er een stapel post lag, of nog erger….een lijk in de gang? Tot het een paar weken geleden plotseling mooi weer werd en wij weer eens buiten zaten, en de overbuurman thuiskwam in een andere en zeer geruisloze auto. Het mysterie was opgelost.

En nu is daar onze directe buurvrouw. Zij rijdt in een zilvergrijze Volkswagen Golf, haar man fietst naar zijn werk. En die Golf staat altijd op dezelfde plek en zij zijn ook altijd thuis en gaan nooit op vakantie. Dat denken wij tenminste te weten. Maar sinds twee weken is de Golf weg en dus zullen zij wel op vakantie zijn, dachten wij. Tot wij tot de ontdekking kwamen dat de buurman wel thuis is. En dus begon het speculeren weer, en ik ben nog nooit eerder zo nieuwsgierig geweest naar het wel en wee van buren, want dat krijg je als stadsmens nu eenmaal niet met de paplepel ingegoten. Misschien is zij wel alleen op vakantie of ligt in het ziekenhuis? Zouden zij misschien problemen hebben en is zij gewoon weg? Of nog erger, zouden wij binnenkort ergens lezen dat de auto ergens in een kanaal was teruggevonden en dat ieder verder spoor van haar ontbrak. En lag zij dan misschien begraven in de tuin? Ik kon maar met grote moeite de aandrang om met de één of andere smoes aan te bellen weerstaan. Maar gisteren stond de Golf plotseling weer voor de deur en dus was zij weer thuis, dachten wij. Maar vandaag is de Golf weer weg, dus…..wat is er aan de hand? Ik wil het weten!

En nu kom ik zo langzamerhand tot de ontdekking dat ik een boer begin te worden, en dat het overschrijden van stadsgrenzen op lange termijn toch een bepaald effect heeft. En wie weet ga ik op termijn zelfs wel dialect spreken…..pfffff.