• Feestdagen,  Leven,  Verbazing,  Werk

    De tijd kruipt te snel

    Al meer dan 20 jaar werk ik bij het bedrijf waar ik in eerste instantie eigenlijk niet wilde werken. Na mijn eerste carrière in de accountancy, geëindigd door de geboorte van mijn oudste dochter waardoor ik tot de ontdekking kwam dat thuis zijn ook best leuk kon zijn, kwam ik na een paar saaie tussenstops in de ICT terecht. En ik dacht toen nog dat het van zeer korte duur zou zijn omdat ik mij had laten overhalen iets te gaan doen waar ik dacht mijn ei niet in kwijt te kunnen.

  • Auto,  Verbazing,  Werk

    Het Tractor Complot

    Ik verdenk iedere bestuurder van een tractor ervan dat zij onderdeel zijn van een complot, al snap ik nog niet zo goed wat de bedoeling van dat complot is. Maar het valt mij de laatste tijd op dat er altijd wel één of meerdere tractoren op de weg zijn als ik ’s ochtends vroeg of aan het einde van de dag probeer op mijn bestemming te komen. En die langzame voertuigen rijden altijd vóór en nooit achter mij.

  • Hardlopen,  Ontspanning,  Vakantie,  Werk

    De kortste dag

    Het is vandaag weer de kortste dag van het jaar, en ik kan mij die van een jaar geleden nog heel goed herinneren. Vorig jaar was die kortste dag van het jaar ook meteen het begin van mijn winter. Ik was al een paar weken redelijk aan vakantie toe en werkte die dag thuis, en aan het einde van die dag ging ik een rondje hardlopen. En dat was meteen het laatste rondje tot het begin van de lente want ik plofte op de bank en ben daar een paar dagen niet meer van opgestaan.

    Dit jaar is mijn winter nog niet begonnen. Mijn laatste werkdag was gisteren en ook nu sloot ik de werkweek, -maand en -jaar af met een rondje hardlopen. Maar dit keer liep ik mijn rondje met een brede grijns op mijn gezicht in plaats van diep zuchtend. En ik kijk alweer uit naar mijn volgende rondje, morgenochtend voor het ontbijt, en naar de 10 kilometer die ik op Terschelling ga lopen, van de kroeg van Hessel terug naar ons huisje aan de andere kant van het eiland.

    Terschelling in de winter begint een beetje een traditie te worden en het is in die periode een geweldige plek om de accu op te laden. In de zomer vind ik er écht geen bal aan, al heb ik geen idee waarom niet, maar als het koud en winderig is dan is het dé plek om tussen de oren op te frissen en uit te rusten. Ook vorig jaar kwam ik pas op Terschelling weer bij mijn positieven toen wij met zijn tweeën  een paar kilometer tegen de harde wind in op een verlaten strand liepen. En de schaal met oliebollen bij Hessel deed de rest.

    Dit jaar ga ik de oliebollen daar zelf bakken, een traditie van vroeger toen ik ieder jaar op oudejaarsdag een paar uur achter de pan met dampende olie stond. Uiteraard met harde muziek aan zodat ik beter, en op de maat van de muziek, rondjes kan draaien met de verschillende lepels en andere attributen. En zo begint het nieuwe jaar straks ook heel anders dan dit jaar is begonnen.

    En er staat weer een hoop te gebeuren in 2014. Het vierde kleinkind zal er al snel in het nieuwe jaar zijn en dat blijft een bijzondere gebeurtenis, en dat zal zelfs nog zo zijn als de tiende wordt geboren. Zakelijk gezien staat er een nieuwe uitdaging voor de deur omdat er na onze fusie een nieuw bedrijf in de steigers staat, met nieuwe uitdagingen en nieuwe kansen. En daar heb ik veel zin in.  En om de balans tussen werk en privé een beetje in goede banen te leiden verheugen wij ons ook alweer op de eerste vakantie naar ons vaste plekje op Kreta. De tickets kunnen al worden geboekt en de mail naar het appartement wordt morgen ook verstuurd. Het plekje zelf houden wij een beetje geheim en wat ons betreft wordt het nooit in een vakantiegids opgenomen, dat vinden Stelios en Yannis vast niet erg.

    En zo gaan wij dan weer op weg naar de volgende kortste dag, al mag het wat mij betreft best wel iets langzamer gaan want de tijd vliegt. Luuk zit inmiddels alweer op de basisschool, Aiden is alweer een jaar oud en kan al lopen en Thomas is ook al een hele kerel. En het voelt alsof dat allemaal binnen een paar weken is gebeurd. Maar er is dan ook niet voor niets het spreekwoord “Time flies when you’re having fun”, en dat zou betekenen dat de tijd alleen maar langzamer gaat als je geen plezier hebt. Laat het dan maar zo want plezier hebben wij volop.

  • Feestdagen,  Vakantie,  Werk

    Het einde nadert

    Het einde van het jaar 2013 komt al snel dichterbij. Het is dan weliswaar pas 6 december en Sinterklaas probeerde  gisteren nog tegen de storm in met zijn paard van dak naar dak te springen, maar in mijn agenda staan nog maar een paar drukke dagen waarop ik op allerlei plaatsen in het land mijn kunsten mag vertonen en dan trek ik op donderdag 19 december de fictieve deur van dit jaar achter mij dicht. En net als ieder jaar ben ik er best weer aan toe.

    En net als ieder jaar begint ook nu weer het vakantiegevoel te kriebelen, de voorpret steekt zijn kop op en zorgt ervoor dat ik de gisteren tegen de ramen slaande regen, het knetterende onweer en de om het huis gierende storm wel grappig vond. Dat ik nog deur uit moest om naar de sportschool te gaan was iets minder aanlokkelijk maar je moet iets over hebben voor een strak vakantielichaam.

    Als alles volgens plan verloopt gaan wij eind mei weer naar ons favoriete plekje op Kreta, een beetje lastig te bereiken omdat het niet gewoon in de vakantiegids te vinden is maar er kan in ieder geval wel een ticket naar Chania worden geboekt en de locatie is via Booking.com te reserveren en per taxi te bereiken. En juist het feit dat het niet zomaar via een stapel vakantiegidsen is te boeken zorgt ervoor dat het een plek is waar je geen last hebt van een overlast aan toeristen, dat je het strandje van Aghii Apostoli nog net niet helemaal voor jezelf hebt en waar je echt Grieks kunt eten. Een paar kilometer verderop ligt het met terrasjes bezaaide Platanias, vol met al ruim voor de lunch bierdrinkende bierbuiken,  en daar merk je de hele vakantie helemaal niets van. Daar doen wij ruim een week niets anders dan rustig wakker worden, een door Stelios klaargemaakt ontbijt compleet met vers geperste jus van sinaasappels uit eigen boomgaard nuttigen, naar het strand van Yannis lopen waar wij met onze e-readers onder de arm een ligbed en parasol uitzoeken waar wij niet eerder dan tegen de avond weer van opstaan (behalve om frappé, koffie en fresh fruit te nuttigen), terug naar Stelios wandelen om iets op maat gemaakt Grieks te eten en Raki te drinken en weer te gaan slapen.

    Maar eerst gaan wij deze winter nog een paar dagen naar Terschelling om uit te waaien op een stormachtig en verlaten strand, de grijze cellen tussen de oren even schoon laten blazen, oliebollen eten bij Hessel in Hoorn, een goed boek lezen met een glas whisky onder handbereik terwijl  de storm tegen de ramen beukt, lange wandelingen maken en lekkere dingen koken. En zo maken wij ons klaar voor het nieuwe jaar, een jaar met een nieuw begin omdat al snel ons vierde kleinkind geboren gaat worden en waar ik moet beginnen met afsluiten.

    De fictieve deur die ik over een paar weken achter mij dicht trek wordt dan een echte deur die ik na ruim 15 jaar achter mij dicht zal trekken, compleet met het inleveren van de sleutel, en opnieuw mogen beginnen op een andere plek met een andere voordeur en met een behoorlijk aantal nieuwe collega’s. En dat uitwaaien op Terschelling zorgt ervoor dat ik er klaar voor zal zijn, dat ik fris en fruitig voor die nieuwe deur zal staan op zoek naar nieuwe uitdagingen.

     

  • Werk

    Een nieuwe baan

    En dan heb je zomaar ineens een nieuwe baan zonder er echt heel erg druk mee bezig te zijn geweest. En het klinkt erg gek als ik zeg dat ik in mijn hele leven welgeteld één keer heb gesolliciteerd en dat ik toch wel vier verschillende werkgevers heb gehad, maar ook bij deze vijfde werkgever in mijn bestaan heb ik tot op heden nog geen sollicitatiegesprek hoeven voeren. En vooral om die reden voelt het best een beetje raar, maar ik ga ervan uit dat het wel gaat wennen.

    Ooit, heel lang geleden, kreeg ik mijn eerste baan via een vriend die bij mij in het voetbalelftal speelde. Zijn werkgever was dringend op zoek naar nieuwe mensen, zoals bijna ieder bedrijf in die tijd want er was werk zat. Het was een tijd waarin de economie niets anders deed dan groeien en er nog geen enkele sprake was van werkloosheid onder jongeren. Ik had dan ook niet echt veel haast om aan het werk te gaan en had eerst een tijdje met een rugzak met een tent, slaapzak en een paar T-shirts en onderbroeken Europa onveilig gemaakt. Op die leeftijd wist ik ook nog niet dat sommige plekken in Europa ook zonder mijn inbreng al onveilig genoeg waren maar uiteindelijk kwam ik met lang haar en een baard weer in het Amsterdam van 1975 terug, en daar viel ik helemaal niet uit de toon. Maar inmiddels was het herfst en werd het buiten rondzwerven minder comfortabel en kwam ik zo langzamerhand tot het besef dat het best handig kon zijn om iets nuttigs te gaan doen, en dat ging ik doen op een accountantskantoor. Accountantskantoor van Arenthals is in de laatste 40 jaar na een aantal fusies met onder andere de Anker Booij Chaudron Groep en een internationaal kantoor opgegaan in Grant Thornton International, maar als je goed zoekt komt de oude naam nog altijd wel ergens voor. En er blijken zelfs nog oud-collega’s te werken die er ook toen al rondliepen.

    Na een jaar of tien was ik wel ergens anders aan toe en dat kwam vooral door de geboorte van mijn oudste dochter. Ik was nogal veel van huis en daardoor zag ik Rianne hoofdzakelijk alleen in het weekend en dat vond ik helemaal niets, en ook zij liet duidelijk blijken dat zij mij eigenlijk niet zo goed kende en die eenkennigheid vond ik best wel vervelend. En toen bij één van mijn klanten een functie vrijkwam en zij vervolgens mij die functie aanboden hoefde ik daar niet lang over na te denken, want het accepteren van die functie zou betekenen dat ik voortaan iedere dag gewoon om zes uur thuis zou zijn en dan ook klaar zou zijn met werken. En dat was dus de tweede baan waarvoor ik geen sollicitatiebrief had hoeven schrijven. Dat de baan zelf niet echt geweldig was vond ik op dat moment niet echt heel belangrijk, maar daar kreeg ik na verloop van tijd toch wel spijt van.

    In mijn nieuwe functie was ik ook verantwoordelijk voor de automatisering en viel ik met mijn neus in de boter, want vlak voordat ik van baan veranderde was mijn nieuwe werkgever begonnen met het automatiseren van de bedrijfsadministratie. Het was de interessante begintijd van de automatisering van het midden- en kleinbedrijf en ik had daarin veel contact met ene Rob Hooghiemstra van Datastar, het latere Dutch Software Applications en nog later DSA●Vision. Ook Bonno Proper kwam nog wel eens langs en als ik zelf wel eens bij Datastar moest zijn liep ik daar ook nog wel eens Ronald Dalman en Helmut Smit tegen het lijf. Op de één of andere manier bleven vooral Rob en ik elkaar tegenkomen, al kon ik natuurlijk niet vermoeden dat het later nog eens tot een iets nauwere samenwerking zou leiden.

    Inmiddels was ook Sandra geboren, was het zowel thuis als op het werk druk en liep er van alles niet zo lekker door een kersverse moeder met een postnatale depressie en mijn baan die mij niet echt paste. Achteraf voelde het als vastklampen en worstelen en dat kon niet lang goed gaan, niet langer dan tot februari 1990 toen ik met een redelijke klap op mijn plek werd gezet en voor een tijdje de pijp aan Maarten moest geven. Wat volgde was een periode waarin ik veel over mijzelf moest leren en deels opnieuw moest beginnen. Na verloop van tijd ging ik weer langzamerhand aan het werk maar dat deed ik niet meer achter het bureau waar ik een paar jaar met zoveel tegenzin had gezeten, ik deed dat als zzp-er achter mijn eigen bureau…..ook al bestond de afkorting toen nog niet. Ik kon op die manier gebruik maken van mijn kennis en ervaring en mijn werk doen wanneer en hoe lang ik dat wilde en op die manier weer helemaal op adem komen. En ook in die periode was er met enige regelmaat zakelijk contact met DSA en Rob Hooghiemstra en werd er vaak bijgepraat.

    In de loop van 1994 leek het mij toch wel weer leuk om met collega’s te werken en dus ging ik op zoek naar een werkplek in een gebouw met veel mensen om mij heen en die vond ik al vrij snel op niet meer dan 10 minuten afstand van de plek waar ik woonde. Het was ook nog eens de eerste keer dat ik ergens solliciteerde, en tot nu toe ook nog steeds de laatste keer. Ik wilde niet meteen mijn volledige zelfstandigheid opgeven en kon bij Victron Energie een functie krijgen als controller voor halve dagen, en dat sloot prima aan bij het deel van mijn eigen werk waar ik nog geen afstand van wilde doen. Na een paar jaar werd mij echter gevraagd om toch fulltime te komen werken en zo nam ik afscheid van mijn carrière als zzp-er. Inmiddels was de naam van DSA veranderd in DSA●Vision en waren zij begonnen met de overgang van de eigen software naar Navision en uiteraard nodigde ik Rob uit om eens te komen demonstreren of zijn product een goede vervanging zou zijn voor de verouderde versie van Exact die bij Victron werd gebruikt. Maar voordat wij tot een overeenkomst konden komen ontstond er een vervelende situatie tussen mij en de toenmalige directeur die uiteindelijk alleen maar verliezers opleverde. En dus zat ik ergens in de zomer van 1998 weer eens bij Rob Hooghiemstra aan tafel om eens bij te praten en hij dacht mij een plezier te doen door mij een baan bij DSA●Vision aan te bieden.

    Ik had daar eerlijk gezegd niet zo heel veel zin in, want ik had tot op dat moment geen enkele ambitie om iets in de ICT te gaan doen. En ik heb mij daar dan ook redelijk tegen verzet. Maar uiteindelijk besloot ik het te proberen en wij spraken af dat ik op 1 oktober van dat jaar bij DSA●Vision op de stoep zou staan als ik nog niets anders had gevonden, maar ik wist zeker dat ik voor het einde van het jaar weer weg zou zijn. Bonno en Helmut bleken er nog altijd te werken en Ronald was tijdelijk iets anders gaan doen maar zou na een paar jaar weer terugkomen. En dat is inmiddels meer dan 15 jaar geleden, en in die 15 jaar heb ik de ontwikkeling van DSA●Vision van één van de vele kleine ICT-leveranciers tot een belangrijke leverancier van software in de vastgoedbranche meegemaakt. En met heel veel plezier want ik bleek toch enorm mijn ei kwijt te kunnen in dat ICT-gedoe.

    En nu komt er na 15 jaar weer een nieuwe baan, en ook dit keer heb ik weer eens niet gesolliciteerd. Maar dit keer voelt het, in tegenstelling tot de vorige keren, toch een beetje vreemd want dit keer ben ik niet ergens gevraagd, is mij helemaal niets gevraagd, maar is mij verteld dat ik mag blijven. Door een fusie heb ik vanaf 1 januari a.s. niet alleen een andere werkgever, maar ook een andere werkplek op een hele andere plek in Nederland en ik moet daar nog steeds aan wennen. Wij zijn gefuseerd met Cegeka en die fusie is absoluut verstandig en toe te juichen en door de fusie wordt het bedrijf alleen maar sterker en, naar ik aanneem, ook echt dé marktleider. Maar het moet nog even landen en dat zal niet eerder gebeuren dan dat ik mijn nieuwe collega’s ken en zij mij, en als ik weet waar in het nieuwe pand het toilet en het bedrijfsrestaurant te vinden zijn en met wie ik plezier kan hebben en met wie niet. Gelukkig ben ik daar in Veenendaal niet de eerste en enige (ex)-Amsterdammer en dat helpt, want sinds ik dat weet slaap ik toch al iets rustiger.

  • Vakantie,  Werk

    Vakantie en daarna

    Vakantie is eigenlijk iets geks en de periode daarna is minstens zo gek. Maanden kijk je er naar uit en als het dan eindelijk zover is dan ben je ook in één keer verlost. Verlost van werk, verlost van stress, verlost van allerlei dingen moeten, verlost van aan van alles moeten denken. Althans, dat denk je tenminste. Het was in ieder geval een behoorlijk relaxte zaterdag en dan vooral omdat ik de dag ervoor, mijn laatste werkdag, nog tot een uur of 10 druk was geweest met het afhandelen van allerlei zaken en het beantwoorden van de laatste zogenaamd erg dringende dingen.

    Maandagochtend stapten wij heel vroeg in het vliegtuig naar Kreta en aan het begin van de middag lagen wij in de zon naast en in het zwembad en dacht ik nog steeds dat ik alle stress ergens in Nederland had achtergelaten. De volgende dag wist ik wel beter. Het heeft mij een volle dag gekost om mijn hoofd leeg te krijgen, het strand was op dat moment niet echt de plek waar ik wilde zijn en ik voelde mij op zijn zachtst gezegd redelijk onprettig. En gelukkig duurde dit maar een dag, maar wel een héle dag, en was ik daarna mijn werk en alles wat daarbij hoorde kwijt en heb ik twee weken kunnen uitrusten.

    Je probeert die rust vervolgens mee terug te nemen en de eerste dagen lukt dat ook prima, maar dat was dan ook een weekend. Nog even de email niet openen, leuke dingen doen zoals uitslapen, een stukje hardlopen en lekker eten, maar uiteindelijk wordt het weer maandagmorgen. En op die eerste dag lukt het nog om het gevoel van ontspanning vast te houden en lukte het ook nog om mij af te schermen van allerlei hectiek, maar op de tweede werkdag zijn er dan toch weer personen die het voor elkaar krijgen. Je bent dan in één keer verlost. Verlost van de rust, verlost van de ontspanning, verlost van niet meer moeten, verlost van aan niets hoeven denken. En niet alleen verlost maar ook redelijk in staat om eens te kijken of er geen kans is om bepaalde personen op de oversteekplaats tegen te komen en dan zomaar vergeten te remmen.

    Gelukkig weet ik dat het tijdelijk is, dat het hoort bij de gewenning van die eerste week en dat er nu eenmaal altijd olifanten zijn die porseleinkasten zoeken om doorheen te banjeren. Of misschien zelfs zo blind zijn dat zij die kasten niet eens zien. Of die aanstormende auto bij de oversteekplaats.

  • Vakantie,  Werk

    Ezels en stenen

    Om de één of andere reden trap ik er met enige regelmaat weer in, zie ik het niet aankomen voor het te laat is en lijk ik het nog steeds niet te snappen. En dan is de spreekwoordelijke vergelijking met dat slappe aftreksel van een paard die om de één of andere reden nooit dezelfde steen wegschopt alweer redelijk toepasselijk.

    Ik struikel dus regelmatig over die steen die iedere keer weer op mijn pad wordt gedeponeerd, of misschien zijn het wel meerdere stenen. De eerste stenen stop ik in mijn broekzakken en als die vol zijn dan kan ik er nog wel een paar op een andere plaats kwijt en zo neem ik steeds meer op mijn schouders in plaats van dat ik een stuk of wat van die onderweg gevonden stenen aan anderen doorgeef. Ik kan die stenen ook veel beter dragen want ik ben veel sterker en die ‘anderen’ zouden die stenen wel eens gewoon kwijt kunnen raken en dan moet ik weer terug om die stenen te gaan zoeken en ze alsnog mee te nemen. Dan kan ik ze maar beter gewoon zelf meenemen, dat voorkomt een hoop heen en weer geloop. Het is dan de gedachte aan de naderende vakantie naar een plek zonder stenen, behalve dan als je de zee in loopt, die ervoor zorgt dat ik die stenen kan blijven meezeulen. Al is het de laatste dagen voor de vakantie bijna ondraagbaar en begin ik dan redelijk te steunen en te kreunen, en wordt een gezellig ontspannen praatje ook steeds lastiger. En kijk ik smachtend uit naar het moment dat ik al die stenen over de schutting kan gooien in de hoop dat zij er niet meer liggen als ik een paar weken later weer terugkom.

    Ik neem mij ook dit keer weer voor om al luierend op een warm strand eens goed na te denken over een oplossing voor mijn stenenprobleem. Hoe ik zonder er verder over na te hoeven denken meer kan lijken op die ezel, koppig maar slim genoeg om stenen te vermijden op een manier die goed voelt en ook nog zonder slag of stoot door de omgeving wordt geaccepteerd. Waar ik een broek kan vinden met zakken die niet groot genoeg zijn om al die stenen in mee te nemen. Maar eerst moet ik die laatste paar dagen zien door te komen, proberen iedere dag een paar uur langer te slapen en de dag niet al met een berg stenen te beginnen. Gelukkig weet ik dat ik straks, als ik fluitend met Josje door de schuifdeuren de vertrekhal van Schiphol binnenstap, het grootste deel van mijn stenen al kwijt ben.